Tagarchief: zoet

Moemoe’s marmelade

Ik ging confituurtjes maken, enerzijds voor de brunch, anderzijds voor onze eerste gast in lange tijd in de B&B. Confituur maken is zo één van die dingen die niet veel tijd, noch veel moeite kosten en meestal echt wel een geweldig resultaat geven. Het geeft je een instant huismoederlijk gevoel, een beetje goddelijk zelfs, zoals Nigella ons ooit voordeed.

DSCF4863

Ik zocht bij Mme Confituur naar een leuk recept en kwam uit op aardbei-ananas confituur, daarnaast maakte ik nog eentje met bosvruchten (naar dit recept) en wou ik nog iets met appelsien of citroen maken, een soort marmelade dus. Ik begon te zoeken op het net, toen redelijk laat mijn euro viel dat ik in de doos met de recepten van moemoe al eens een marmelade was tegengekomen. Ik kieperde de doos uit, en natuurlijk was het allerlaatste recept dat ik vastnam, het juiste. Het was een oud, verkleurd papier met een sierlijk handschrift, het lijkt bijna gedrukt, zo mooi. Op dat papiertje komen eigenlijk mijn overgrootmoeder en -vader tezamen (op de foto met hun vier kinderen, mijn opa is de kleinste van de hoop): zij een Britse (vandaar dus de marmelade) en hij een leraar (valt de appel dan toch niet zo heel ver van de boom?) met een prachtig handschrift (daar heeft de appel toch wel een deukje gekregen :)) In mijn verbeelding schrijft hij het recept, gedicteerd door haar, op, klaar om ooit ontdekt te worden door een volgende generatie.

DSCF5593
DSCF5088

Het is opnieuw een recept dat heel erg simpel is, maar wel met een heel erg goed resultaat.

Nodig

  • 1/2 kg appelsienen (3 stuks)
  • 1/2 kg 1:1 geleisuiker (in het originele recept stond 1 kilo suiker maar dat vond ik echt te veel dus halveerde ik het)

Doen

  • Was de appelsienen met heet water, borstel ze schoon
  • Kook de appelsienen in hun geheel tot ze echt zacht zijn
  • Halveer de appelsienen en haal er de pitjes uit
  • Mix de appelsien met pel en al tot een moes
  • Meng de moes met de geleisuiker en zet opnieuw op het vuur.
  • Laat enkele minuten (3-4, zoveel als er op de verpakking staat) doorkoken
  • Giet de hete marmelade in steriele potjes, draai het deksel erop en laat omgekeerd afkoelen (maar ook weer niet te lang want dan plakt de marmeade aan de bovenkant van je potje, dus op tijd opnieuw omdraaien)

FacebookTwitterPinterestGoogle Gmail
Getagged , , ,

Homemade brownies

dscf8638

dscf8645

dscf8658

dscf8662

dscf8674

dscf8679

dscf8685

dscf8690 dscf8699

dscf8705

dscf8708
De kinderen koken graag mee en bakken is iets van die dingen die kinderen echt goed kunnen! Alles moet afgewogen worden (nummertjes herkennen) en vanaf dan is het meestal gewoon alles bij elkaar kieperen en mengen. Dat ze – bij het bakken – altijd potten kunnen uitlikken maakt het natuurlijk nog leuker 🙂

Ik baseer me altijd op het recept uit het chocoladeboek van de kookschool.

Nodig:

  • 350gr pure chocolade
  • 200 gr noten (origneel zijn dat pecannoten maar ik pak meestal gewoon een mengeling van wat in huis is)
  • 250 gr goei boter
  • 250 gr suiker (origineel is dat bruine suiker, maar ik maak dat ook vaak gewoon met kristalsuiker)
  • 3 eieren
  • 85 gr bloem
  • 1 tl bakpoeder

Maken die handel:

  • Chocolade en boter smelten
  • Noten vijzelen (zo leuk!)
  • Eieren met suiker opkloppen
  • Chocolade en boter mengen met het eimengsel, bloem en bakpoeder gezeefd eraan toevoegen.
  • Alles goed mengen
  • Bekleed een bakvorm met bakpapier en giet er het mengsel aan toe
  • Zo’n 40 minuten in een oven van 160°C!

Dit is geen baksel waar je heel erg veel van kan eten: kleine baksteentjes 🙂 maar is wel heel erg lekker!

dscf8773

FacebookTwitterPinterestGoogle Gmail
Getagged , ,

Homemade donuts

dscf0329

dscf6054

dscf6048

Met vandaag weer een brunch op het programma wil ik graag het geweldige recept delen dat ik sinds vorig jaar bij zowat elke brunch maak, gewoon omdat het lekker is en verbazingwekkend gemakkelijk, iets wat ik absoluut niet had verwacht in den beginne.
Het donutrecept komt uit het ontbijtboek van Yvestown en is het boek alleen al voor dat recept waard, te merken aan de vetplekken op die pagina. Donuts waren zoiets (net zoals nog steeds Berlijnse bollen, spekken en een gevulde kalkoen) dat op mijn kook-bucket-list stonden. Hoe graag ik ook kook, ik begin zomaar niet aan alles en er moet ook meestal een reden zijn. Als ik een recept doorneem en ik kan er op dat moment mijn gedachten al niet bijhouden dan weet ik dat ik het ga laten liggen, net zoals met te veel ingrediënten waar ik voor moet omrijden. Ik ben op dat gebied best wel een beetje lui. Ik kan uren in de keuken staan, maar dan moet het resultaat ook navenant zijn en niet één of andere gelei van één of andere afgetrokken groente, voor zulke dingen ga ik liever uit eten 🙂 Maar donuts dus. Ik las het recept en overpeinsde ‘mmmm lijkt me wel doenbaar’, ik begon aan het recept en dacht ‘huh, dit is makkelijk’ en ik at het resultaat en wist ‘dit is een absolute blijver’.

Wat heb je nodig (voor 24 donuts)? 7 gr droge gist (dus gewoon een zakje gist, dat is al handig :)), 250 ml lauwwarm water, 60 gr gesmolten ongezouten boter, 500 gr bloem (ik gebruik gewone patisserie bloem), 1 ei, 70 gr witte basterdsuiker (ik vond de mijne in de Albert Heyn), ½ tl zout en zonnebloemolie voor het frituren.

Hoe te maken? Los de gist op in het water en laat 5 minuutjes staan. Daarna gooi ik alles samen en meng het met de keukenrobot tot een glad deeg. Bol het op en laat rijzen. Rol het na twee uur uit tot een 1,5 cm dikke lap deeg. Dan neem je een glas en start je met het uitsteken van de donuts. De middelste rondjes doe ik met mijn allerkleinste koek-uitsteekvormpje, maar kan je met eender welk smal rond ding doen. Als alle deeg is uitgestoken laat je het weer twee uur rusten.
Verhit de olie in een lage stevig pan (dit vind ik altijd wel een beetje eng geef ik toe en de kinderen moeten dan op een veilige afstand blijven). Wil je weten of de olie klaar is? Voeg dan een klein stukje brood toe, als dat begint te sissen, dan is het heet genoeg. Voeg maximaal twee donuts per keer toe en draai ze om van zodra ze lichtbruin aan de randjes worden. Pas op, het kan best snel gaan! Haal de lichtbruine donuts met een tang eruit en leg ze te drogen op keukenrol.

En versieren? Dat is een kindertaakje hier in huis. Ik gebruik geen suikerglazuur maar smelt witte, melk- en donkere chocolade, laat Mies erop los, geef haar nog een paar flesjes met sprinkels en klaar is donut! Zeker eens proberen!

 

 

FacebookTwitterPinterestGoogle Gmail
Getagged , , ,

Tradities en wafels

dscf7441 dscf7385 dscf7406

Zolang ik me kan herinneren worden er op één november wafels gegeten, het liefst vanal in familiekring. Ik vermoed dat dat iets streekgebonden is, want de echtgenoot zei dat helemaal niets. Jaren gingen we naar de grootouders om wafels met véél slagroom te verorberen, en siroop, en perziken en bloemsuiker, maar grootouders worden een dagje ouder en op een gegeven moment was het gewoon te veel en te druk. Tradities zijn er echter om in ere gehouden te worden en ik bakte lustig verder op 1 november, zelfs op verplaatsing, in dArdennen werden er in de herfstvakantie wafels gebakken en mét veel slagroom smakelijk opgegeten. Gisteren waren we echter nog eens echt thuis op den eerste en dacht ik dat als Mozes niet naar de berg komt, de berg maar naar Mozes moet gaan, dus maakte ik – onder lichte dwang van de wederhelft – wafelbeslag voor (lees goed) minstens 20 personen (ook al waren we maar met 11) want die man van mij beweerde dat iedereen toch wel zeker 10 wafels eet. Haha… 4 grote kommen beslag en 3 uur later werd duidelijk dat dat niet het geval was. Wat was ik gelukkig dat diezelfde man de baktaak vrijwillig op zich had genomen 🙂

We bakten Brusselse wafels volgens het recept van Meus en haalden alle toppings die ik kon verzinnen uit de kast: véél slagroom, suiker, siroop, bananen, chocolade, perziken, kersen en aardbeitjes. Traditie of niet, wafels met herfstig weer: altijd een goed idee!

FacebookTwitterPinterestGoogle Gmail
Getagged , ,

Zaligheid in een papieren vormpje

dscf4645

dscf5507

Ik ben eigenlijk terug beginnen bloggen om mijn hoofd vrij te maken, om terug te schrijven, om dingen te delen die me wel eens gevraagd worden, lekkere en leuke dingen, dingen die mijn hart doen zingen (maakt nu achter de computer een beweging die de cirkel rondmaakt :)). Zo zijn daar ook mijn simpele maar immer succesvolle cakejes. De cakejes die ik op automatische piloot maak, 72 stuks per uur als het echt moet (mijn keuken is gezegend met een XL-oven) en die het altijd goed doen. Als naar mijn recept gevraagd wordt, verwijs ik altijd naar tante Imperial die eigenlijk weinig moeite deed om haar recept echt geheim te houden.
De truc zit hem volgens mijn bescheiden mening, echter in het kloppen van het deeg, geen gedoe met schuimende eiwitten, maar alles plompweg bijeenkappen en de keukenrobot zijn werk laten doen, net zolang tot je een sneeuwwit stevig deeg krijgt dat je makkelijk met een ijsschep in een, met papiertjes gevulde, muffinplaat kan verdelen.

Voor anderhalve plaat (18 vormpjes dus)

  • 200 gr zelfrijzend bakmeel
  • 200 gr boter (op kamertemperatuur)
  • 200 gr suiker
  • 4 eieren
  • 1 zakje vanillesuiker

Na wat uittesten kwam ik uit op 23 minuten op 180*C in mijn oven (boven-onderwarmte).

Als het echt wat meer mag zijn, doe ik er een vanilleroomboter-topping op. Alle heil aan echte banketbakkersroom, maar als het vooral snel en nog lekker moet zijn gebruik ik een zakje vanillepudding dat ik klaarmaak met de helft van de vooropgestelde melk  zodat je een pudding krijgt waar je letterlijk je lepel in kan rechtzetten. Kinderen vinden dat de max :)) Laat die afkoelen onder plastiekfolie zodat je geen velletje krijgt. Een zelfde hoeveelheid pudding mengen met boter, stevig opkloppen, al naargelang de smaak nog wat poedersuiker en/of vanille toevoegen. Versieren mag altijd en je krijgt ineens simpele cakejes die echt wel schoon op een etagere passen.

FacebookTwitterPinterestGoogle Gmail
Getagged , ,